6. Formaliteiten

Naar de werkgever
Indien u één van de types inzake tijdskrediet wenst te genieten moet u uw werkgever schriftelijk verwittigen. Deze schriftelijke kennisgeving moet hem aangetekend worden opgestuurd of persoonlijk worden overhandigd met een ondertekend dubbel als ontvangstbewijs.
Deze kennisgeving dient 6 maanden op voorhand te gebeuren. Deze termijn kan in gemeenschappelijk overleg met de werkgever worden verkort.

De schriftelijke kennisgeving moet het volgende bevatten:

– het door u gedane voorstel
– de gewenste begindatum
– de duur van de uitoefening van het recht
– de elementen van voorrang zoals vastgelegd in de CAO (1ste voorrang: medische bijstand, palliatieve zorg,.. 2de voorrang: gezinnen met twee werkende personen, of eenoudergezinnen met een of meer kinderen onder de 12 jaar …)

Termijn voor de kennisgeving

Deze kennisgeving moet vooraf gebeuren, dit is:
– 3 maanden vooraf indien er meer dan 20 werknemers zijn;
– 6 maanden vooraf indien er 20 werknemers of minder zijn.
Deze termijn van kennisgeving kan in onderling akkoord met uw werkgever worden gewijzigd.

Heeft u reeds een uitkering genoten, dan kunt u een attest bekomen bij het RVA-kantoor van het ambtsgebied van uw woonplaats (u kan dit attest CAO 77bis ook downloaden van de RVA-site: www.rva.fgov.be of van de ACV-site: www.tijdskrediet.be)
Zo’n attest is niet vereist voor de werknemers die hun prestaties wensen te verminderen met 1/5 of tot de ½ in het type tijdskrediet die specifiek is voor werknemers van 50 jaar of ouder.

Naar de RVA

De uitkeringen moeten aangevraagd worden door middel van het formulier C61 – CAO 77bis dat bij de RVA-kantoren kan worden bekomen of dat u kan downloaden van de RVA-site: www.rva.fgov.be of van de ACV-site: www.tijdskrediet.be. U kan de formulieren ook bekomen op onze ACV-kantoren.
Dit formulier moet ingevuld bij het RVA – kantoor toekomen ten laatste binnen een termijn van twee maanden volgend op de aanvang van het tijdskrediet (liefst per aangetekende zending).